| Week de champignons
10 min in een kom met heet water. Roer om ze van zand te ontdoen en laat
ze nog 20 min weken. Giet ze af. Snijd de steeltjes eraf. Snij de hoedjes
in plakjes en zet die apart. Meng de Maïzena en de sherry in een kom
en doe er het zout en de kip bij. Meng het geheel goed en laat tenminste
15 min marineren. Doe de peperkorrels intussen in een kleine pan met zware
bodem en rooster ze 3 à 4 min op een matig vuur, waarbij u de pan
regelmatig omschudt. Neem de peperkorrels uit de pan en plet ze met de
platte kant van een mes. Hou ze apart. Haal de slabladeren voorzichtig
van elkaar. Werk met een scherp mes of met een schaar de randen bij, zodat
er 12 even grote 'bakjes' ontstaan. Verwarm een wok of een grote, zware
koekepan op hoog vuur. Doe er 2 el saffloerolie in een wals de pan tot
de hele bodem bedekt is. Doe de kip erin en bak het vlees 2 à 3
min al roerend tot het niet meer roze is. Haal het vlees uit de pan. Verwarm
de overgebleven el saffloerolie op hoog vuur. Voeg de gember, knoflook,
voorjaarsuitjes, waterkastanjes en bamboescheuten toe. Bak 2 min onder
voortdurend roeren. Voeg de ham, paddestoelen en peperkorrels toe en schep
nog 1 min om. Doe de kip erbij en blijf omscheppen tot het vlees doorgewarmd
is. Haal de pan van het vuur en roer er de sojasaus en de sesamolie door.
Leg de slabakjes op een bord, schep het mengsel erin en dien op. |